Interview in De Stentor

Vandaag stond er in De Stentor een interview over Joodse Huizen II. Vanaf 10 april 2016 is het boek verkrijgbaar in de boekenwinkels.

922690_159796691077939_8589258785349675947_n (1)

5 vragen over het boek Joodse Huizen II.

De van oorsprong Apeldoornse Annemiek Lely (25) heeft meegeschreven aan het boek Joodse Huizen II. Ze vertelt welke Apeldoornse straat zij mocht uitlichten.
Door: Chantal Zwaag.
De Stentor, 18 maart 2016.

1. Waar gaat het boek over?

“Joodse Huizen II is ontstaan naar aanleiding van Open Joodse Huizen. Vijf jaar geleden begon Denise Citroen met dit project in Amsterdam. Het idee is dat op 4 mei verhalen verteld worden in de huizen waar de gebeurtenissen zich hebben afgespeeld. Meestal door de overlevende, een nazaat of de bewoner. In 2013 ontstond bij Frits Rijksbaron het plan om de verhalen in een boek te publiceren. Vorig jaar verscheen de eerste editie. Idee is dat er ieder jaar een boek gepubliceerd wordt.”

2. Hoe ben jij er zo bij betrokken geraakt?
“Sinds 2013 ben ik betrokken bij de organisatie van Open Joodse Huizen in Amsterdam. Ik vind het project heel bijzonder en wilde graag een bijdrage leveren. Ik ben opgegroeid in Apeldoorn en fietste vaak langs de voormalige synagoge aan de Paslaan naar school. Door onderzoek te doen naar Joodse Huizen in Amsterdam, werd ik nieuwsgierig naar Apeldoornse verhalen. Ik ben in het archief van CODA gedoken en daar is het verhaal Marialaan 28 uit ontstaan. Op dit moment ben ik bezig om te kijken of ik volgend jaar Open Joodse Huizen in Apeldoorn kan realiseren.”

3. Waarover gaat Marialaan 28?
“Over de zusjes Johanna en Mirjam Hoogstraal. Ik zag opwww.joodsmonument.nl een foto waarop ze allebei in een bloemenveld staan. Mirjam verbergt haar Jodenster. De foto raakte me. Ik wilde weten wie deze meisjes waren en hoe ze leefden. Zo kwam ik er bijvoorbeeld achter met wie de zusjes vroeger gespeeld moeten hebben. Stukje bij beetje kon ik hun leven reconstrueren. Ik vind het een mooie gedachte dat ik twee van de 529 glazen balletjes van het monument voor de synagoge aan de Paslaan een gezicht heb kunnen geven.”

4. Wat is jouw band met het onderwerp?
“Ik ben altijd al geïnteresseerd geweest in geschiedenis en las al op jonge leeftijd Het Achterhuis. Daarnaast kan ik slecht tegen onrecht en uitsluiting. Ik vind het heel belangrijk om hierover te blijven communiceren. Historisch besef is heel belangrijk. Zeker in een tijd als deze.”

5. Waarom moeten mensen het boek lezen?
“Ik denk dat het voor Apeldoorners heel interessant is om een beeld te krijgen van het leven in de eerste helft van de twintigste eeuw. Er is veel aandacht voor de bevrijding van Apeldoorn en het Apeldoornsche Bosch, maar minder voor de voormalig Joodse gemeenschap. Juist daarom wilde ik over Johanna en Mirjam schrijven.”

Advertenties